I C O N E N

I C O N E N  in ’t Dordrechts Museum

te zien t/m 22 Februari 2015

Rondleiding op Zo.16/11-2014

Snelle aantekeningen van Kees in ’t Veld (dus niet volmaakt)

Iconen zijn ontstaan in de Oosterse Orthodoxie.

De iconen werden niet aanbeden, want dat was Heidens. Ze werden en worden wel vereerd door gelovigen.

De icoon laat zien de relatie tussen Mens en God. Dit is bijvoorbeeld een Christusicoon.

Het Christendom is ontstaan in de 1e eeuw Na Christus in ’t geheim. De wortels liggen in het Jodendom, dat zegt dat er geen gesneden beelden gemaakt mogen worden, want dat is aards en dat is niet goed. Dus de last van het christendom is: mag je wel iets afbeelden?????

Van Rome naar Istanbul/Constantinopel/Byzantium.

Er ontstond een behoefte aan Leefregels voor iedereen, die werden vastgesteld door de Concilies in de 6e eeuw Na Christus.

In 1453 had je het Osmaanse Rijk.

Wie was die Jezus? Was hij een God? Sommigen vonden van wel. Nee, hij werd tot Zoon van God gekroond. En Maria dan?? De Heilige Maria, zijn moeder. Als Jezus als God wordt gezien, dan is Maria dus de Moeder van God. En Maria als Moeder van God wordt als zodanig op de Iconen afgebeeld, steeds met bijbehorende symbolen, in handen en gebaren.

Een Icoon toont geen emoties, want dat is weer aards, dus niet goddelijk.

De afgebeelde Heiligen op de Iconen: Een rood onderkleed duidt op het Goddelijke, het Boven-Aardse. Het Blauw op een Icoon is de kleur van de Aarde.

De Omega (het oneindige) zien we op de Iconen uit China en India als een Aureool achter het hoofd van de afgebeelde Heilige.

Op weer een ander Icoon zien we de handen met de vingers die letters vormen, dat Christus vormt.

Het boek is goddelijk en hier betekent de hand Aards. Dus de aardse hand kan kennis nemen van het Goddelijke aspect in het menselijk bestaan.

Op de iconen in ’t algemeen op de tentoonstelling zien we de heiligen met een Ernstige blik en golvende haarlokken.

De ogen van de Heiligen laten ook steeds iets specifieks zien, namelijk, dat één oog ons als kijkende bezoeker aankijkt, terwijl het andere oog wegkijkt ………… naar God.

Veel Heiligen hebben ook gróte ogen, dit betekent dat ze veel meer zien, in vergelijking met gewone mensen en eenvoudige gelovigen. Een hoog voorhoofd duidt op grote Wijsheid, vaak ook zijn twee wittere “bobbels” op het hoge voorhoofd weergegeven wat ook nog eens die aanwezige grotere Wijsheid weergeeft.

Er wordt maar één oor geschilderd, dat wil zeggen, dat God naar de gelovige luistert.

De edele metalen goud en zilver duiden op meer eerbetoon aan de afgebeelde Heiligen.

Er zijn ook iconen waar de kleurbetekenis juist omgekeerd is. Groen is dan de Hemel. Het aureool is hier Wit of Goudkleurig.  Blauw is hier de Aarde. Op de hoeken staan de attribuut-symbolen van de vier Evangelisten. Met de Arend wordt Johannes aangeduid. Met de Mens wordt Mattheus bedoeld. Met de Leeuw wordt Marcus uitgebeeld. En de Stier staat voor Lucas. De attribuut-symbolen hebben vleugels, dat wil zeggen dat ze leven in twee “werelden”. Deze attribuut-symbolen zijn ontleend aan het Bijbelboek Openbaringen; Apocalyps 4:7 en 8.

Het schilderen van de iconen was een contemplatieve bezigheid. Dit houdt in dat de afbeeldingen van de iconen vanuit beschouwende en bespiegelende waarheden en vanuit het gebed voortgekomen zijn bij de “schilderende” monniken.

De verf uit natuurlijke grondstoffen zoals ei-geel, wordt verdund met wijn, azijn, en lijnolie. De Rozenolie kwam uit Bulgarije, dat een gevoel van Zelfwaardering in dit land ontwikkelde. En nogmaals, er is een contemplatieve dimensie aan toegevoegd.

Het is ook net alsof het gekleurde licht van binnen uit de icoon voortkomt, en niet “gewoon” geschilderd is. Omdat bij lichtval van de zon op iets, een slagschaduw ontstaat, hoe klein ook; en dit ontbreekt dus op een icoon. Vandaar de titel van de tentoonstelling “Wonderen van licht”.

De oorspronkelijke iconen hebben geen landschappen of omgevingsachtergronden. Ze zijn in een plat vlak geschilderd, in 2 dimensies. Later in ’t Westen kwam het schilderen van een Perspectief naar een punt in het schilderij in zwang, dat we ook in de Iconen langzamerhand beginnen te zien. Er wordt een derde dimensie gecreëerd.

Maria en Johannes zijn z.g. Voorsprekers. Je bidt zelf niet direct tot God. De Voorsprekers bieden jouw gebed in verbeterde vorm aan God aan. Ook de handgebaren geven dit aan.

Hier bijvoorbeeld is een icoon te zien dat afgehakte handen laat zien, maar de handen zijn ook weer aangegroeid. In de geest is alles mogelijk.

Purper en Goud zijn Goddelijke kleuren. Dus niet in bezit bedoeld, maar in deemoed en eerbetoon.

Johannes de Doper heeft vóór Christus geleefd. Op dit icoon toont Johannes de Doper zijn eigen afgehakte hoofd op een schaal, terwijl hij er zelf met het hoofd op z’n romp staat afgebeeld. Hij laat hier zien dat hij zelf ook een Martelaar is en als aards mens ook geleden heeft op een of andere manier, mede “bedoeld” om begrip te ontwikkelen.

In  een andere icoon zijn gelovigen als Valk afgescheiden van het Heilige.

In deze icoon staan in de groene rand engelen afgebeeld, die christus beschermen.

Op weer een andere icoon zien we de z.g. “orantenhouding”. Het is een oudere bidhouding. Onderarmen horizontaal, de onderarmen omhoog gedraaid naar boven. Aanvulling Kees ter plekke naar de rondleidster toe: Dus dit is een bidhouding richting hemel, naar boven. Je doet dus geen arbeid, je werkt niet. Je richt je niet op de aarde, maar op de Hemel en tot God als de scheppende instantie.

Hier in een glazen vitrine zien we een groot kruis in hout uitgevoerd, de rondleidster wijst aan en vertelt over een doek, waar Christus zijn gezicht ingedrukt heeft. Dit was verboden. Het doek werd weggehangen, en op de muur verscheen het gezicht van Christus. En op meerdere plaatsen waar die doek neergelegd of opgehangen werd, verscheen het gelaat van Christus. De Koning krijgt het doek en hing het aan de muur. En ook bij de koning verscheen op de muur het gelaat van Christus. Dit alles volgens de legende.

Deze drie Heiligen komen we in een aantal iconen tegen: 1. Sint Joris, met z’n draak die hij dood met z’n lans. RedKees: Metaforisch: zoek “de draak” in jezelf. 2. Nicolaas, die altijd met een korte baard en twee wijsheidsknobbels op z’n voorhoofd wordt afgebeeld. En 3. Dimetrius, die op een rood paard zit. En dat paard staat altijd met één hoef op een mens, altijd een Turk, die als vijand gezien werd. Achterop het paard zit een geredde christenjongeling, door de Ottomanen geroofd, om de oorlog in te sturen.

 

Einde Rondleiding.                                    o O o

 

De iconen zijn het meer dan waard om gezien te worden. Om iets te “proeven” van die oeroude behoefte aan leefregels voor iedereen en om de duiding te herkennen, dat er méér is dan het moeilijke, warrige en strijdige bestaan van alledag.

© Kees in ’t Veld

 

 

2 reacties op I C O N E N

  1. Eric Brandsma schreef:

    Prachtig uitgelegd! De betekenis van het woord “omega” is niet oneindig, maar is de laatste letter van het Griekse alfabet “z”; van A (alfa) tot Z (omega) verbeeldt wél die oneindigheid, lijkt mij.

    Groetend,
    Eric Brandsma

    • Profielfoto van Kees Kees schreef:

      Bedankt voor ’t compliment Eric. De alpha (a) en de ohmega (Ω). De eerste letter en de laatste letter in het Griekse Alpabet en is ook ons alphabet geworden. De alpha zien we als metafoor (c.q. symbool) voor een begin van iets en de ohmega zien we als metafoor voor het einde van iets. Dat “iets” kan van alles zijn. Er is een begin en een einde. Dit geldt voor je fiets en alle andere voorwerpen. Het wordt gemaakt, en het slijt en gaat kapot. En dit geldt ook voor het leven van een biologisch individu, bijvoorbeeld ook een mens. Het wordt verwekt en geboren en sterft uiteindelijk ’t lichaam. Begin en einde. Maar er is ook iets dat oneindig is, dat wat we oneindig noemen. We noemen het God, of Allah, of Jahweh. Het eeuwig scheppende van het materiële universum. Voor dit oneindige hebben we ook een symbool, dit is de 8 op z’n kant: ∞ , in het Grieks heet ’t lemniscaat. In die lemniscaat kun je een voortgaande beweging denken, die oneindig is, terwijl je steeds door hetzelfde kruispunt gaat. Je kunt ook hier weer je esoterische fantasie op loslaten. De ohmega- en de lemniscaat metafoor en in verband met de Iconen: komt er een lemniscaat op de Iconen voor? Kan ik me niet goed meer herinneren.
      H.G. Kees

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *